Een geblinddoekte speler zit op de grond met een voorwerp vlak voor hem/haar en de spelleider staat achter hem/haar. De rest van de spelers staat op een afstandje bij hem/haar vandaan.

De spelleider wijst één (of meerdere) van deze spelers aan; die moet(en) de geblinddoekte speler besluipen en het voorwerp bij hem/haar vandaan stelen. De geblinddoekte speler wijst, als hij/zij een besluiper denkt te horen, in de richting van het geluid. De spelleider bepaalt of in de aangewezen richting inderdaad een besluiper staat (deelt dat ook aan de geblinddoekte speler mee) en stuurt de aldus betrapte besluiper terug naar de andere spelers. Heeft een besluiper het voorwerp veroverd, dan wordt hij/zij de geblinddoekte speler en begint het spel overnieuw.

VARIATIES

  • De besluipers zitten in een kring rondom de geblinddoekte speler heen.
  • Het voorwerp is een sleutelbos; dat maakt geluid als de besluiper hem probeert op te pakken en mee te nemen.
2014-03-06T18:55:04+00:00