Verdeel de spelers in twee gelijke groepen. Laat de groepen om en om in een kring gaan staan. Elke speler staat nu tussen twee spelers van de andere groep in. Er zijn twee ballen: één bij persoon A en een bij persoon B die naast persoon A staat. Als de spelleider het startsignaal geeft, gooit A de bal naar C en B de bal naar D, C naar E, D naar F, enz. (De spelers gooien dus steeds naar de dichtstbijzijnde speler van hun eigen groep…) Wie heeft wie het eerst ingehaald?

2014-03-06T19:25:13+00:00