Levend Risk – Verover de alpen

Levend Risk – Verover de alpen

Het spel is helemaal in het thema alpen gemaakt. Maar je kan het natuurlijk gebruiken als basis voor jou spel en omzetten naar je eigen thema.

Er heerst onrust in de alpen iedereen wilt de beste gebieden veroveren om te kunnen skiën en te wandelen. De rijkste families willen voor eens en voor altijd uitmaken wie recht heeft op welke gebieden. Dit betekend oorlog, maar ja een echte oorlog vernietigd het land tot je er niets meer aan hebt. De familie oudsten besluiten om dit op te lossen met een “vriendelijk”  potje levend Risk. Wie krijgt de mooie ski-hellingen en wie zit straks met een lawine gebied opgescheept?

Korte uitleg

Een team kiest een aangrenzend gebied uit dat ze aan willen vallen. Er wordt een dobbelsteen gegooid om te bepalen welk spel er wordt gespeeld. Wint het aanvallende team het spel dan krijgen zij het gebied en plaatsen een pion in dat gebied en verwijderen de pion van de tegenpartij. Wint het verdedigende team dan behouden zij hun gebied en gebeurt er verder niets. En mag het volgende team een aanval uitvoeren.

Voorbereiding:

  • 6 leiding nodig.
  • We hebben 92 deelnemers.
  • Die worden in 3 groepen verdeeld(3 groepen van 30/31 man)
  • Elke groep wordt in 5 teams verdeeld(6/7 per team)

Op de kaart zijn 30 landjes aanwezig, dus elk team begint met 6 landjes. Die worden van te voren klaar gezet. Voor de spelletjes hoeft er niet veel klaargezet te worden het zijn korte spellen waar weinig materiaal voor nodig is.

Regels

  • Er mag alleen een aangrenzend gebied gekozen worden om aan te vallen.
  • Voor sommige spellen is het oneerlijk als een team een speler meer of minder heeft, er moet dan een teamlid uitgekozen worden die dit spel niet meedoet. Let er wel even op dat niet elke keer dezelfde persoon gekozen wordt.(deze spellen zijn gemarkeerd met een *)
  • De rol van de dobbelsteen is bepalend welk spel er gespeeld wordt. Er mag niet opnieuw gerold worden. Tenzij het spelmateriaal op is, bv beschuit fluiten.
  • Punten verdeling: elke verovering =1 punt, na elke ronde(elk team heeft aangevallen) wordt er gekeken wie de meeste gebieden heeft dit team krijgt 2 punten, bij gelijk spel krijgt elk team 2 punten

Spellen

  1. Hinderlaag!: Het aanvallende team verliest direct.
  2. Ga zitten als….: Elk team geeft om de beurt de stelling ”ga zitten als je….”, alle spelers die deze stelling met ja beantwoorden moeten gaan zitten(ook van het eigen team!!). Het team dat als laatste nog een staand lid heeft wint. Bij gelijk spel wint niemand en wordt er niet overgespeeld.
  3. Tanden op elkaar*: Elke speler doet een knijper in de mond. Nu moet er een bekertje doorgeven worden waarbij alleen de knijper gebruikt mag worden. Valt de beker dan moet er helemaal overnieuw begonnen worden. Het team dat als eerste de beker bij de laatste speler heeft weten over te brengen wint.
  4. Beschuit fluiten: Elk team kiest 2 spelers; zij eten een beschuitje en moeten proberen zo snel mogelijk te fluiten zonder te drinken. Het team waarbij beide spelers gefloten heeft wint.
  5. BIEM!!!*: Iedereen krijgt een ballon en moet deze opblazen tot hij knalt. Het team dat alle ballonnen als eerste laat knallen wint.
  6. 5 keer 6 is WINNING *: Elk team dat als eerste 5x 6 gegooid heeft wint. Elke speler moet zes gooien en dan mag de volgende pas gooien.
  7. Raketlanding*: ieder teamlid moet om de beurt een succesvolle bottle flip maken. Het team dat als eerste klaar is wint.
  8. Mijnenveger*: Er liggen 10 M&Ms in een beker, deze moeten overgebracht worden met een rietje naar de andere beker. Dit gaat om de beurt. Valt de M&M dan gaat hij terug in de beker en moet de speler het nog eens proberen. Het team dat als eerste de 10 M&Ms heeft weten te verhuizen wint.
  9. Bunkerbouwers*: Je begint met een stapel van 10 bekers. Er moet een toren gebouwd worden van 10 bekers(4/3/2/1). Staat deze toren dan moet er weer een stapel van gemaakt worden. Dan is de volgende speler. Het eerste team waarbij alle spelers dit gelukt is wint.
  10. Wisselbeker*: je hebt een stapel van 10 bekers waarbij de onderste zwart is. Haal 1 beker van boven en schuif deze onderop de stapel. Blijf dit herhalen tot de zwarte beker weer onderop is. Dan is de volgende speler. Het eerste team waarbij alle spelers dit gelukt is wint.
  11. Beker vangen*: 1 speler is de vanger, hij heeft een grote beker. De andere spelers hebben 1 kleine beker. De vangers en gooiers staan tegenover elkaar met een bank ertussen. De kleine bekers moeten overgegooid worden en gevangen worden in de grote beker. Valt de kleine beker op de grond dan mag je nog eens proberen. Het eerste team waarbij alle spelers dit gelukt is wint.
  12. Woordenslang: De spelleider noemt een categorie. Het aanvallende team noemt een woord/titel in die categorie. Het andere team moet met de laatste letter van dat woord/titel een nieuwe verzinnen. Dan is het andere team weer. Enz enz. het team dat als eerste faalt om iets te verzinnen binnen 3o seconden verliest.
  13. Pictionary: De spelleider begint te tekenen het team dat als eerste goed raadt wat het is wint.
  14. Dobbeltoren *: Elke speler krijgt een dobbelsteen. Nu moet er een toren gemaakt worden van de dobbelstenen iedereen legt om de beurt zijn dobbelsteen neer zonder dat de toren omvalt. Het eerste team dat als eerste de toren af heeft wint.
  15. Koekje van eigen deeg*: Elke speler krijgt een koekje. Deze leg je op je voorhoofd. Nu moet je het koekje zonder je handen naar je mond weten te brengen en opeten. Het eerste team waarbij alle spelers dit gelukt is wint.
  16. Onderkin*: Elk team krijgt 1 tennisbal, deze wordt onder de kin geklemd. Nu moet de tennisbal doorgeven worden aan de volgende speler die deze ook onder zijn kin klemt. Handen mogen niet gebruikt worden. Valt de tennisbal dan moet er helemaal opnieuw begonnen worden. Het team die als eerste de tennisbal doorgegeven heeft wint.
  17. Tijdbom*: alle spelers gaan in een kring staan, met de teams om en om(1/2/1/2 enz.) de spelleider zet een timer met een onbekende tijd (max 2 min.) Het aanvallende team begint, nu wordt er een tennisbal doorgegeven, je mag hem zo lang vasthouden als je wilt. Wordt de tennisbal doorgegeven dan moet je hem zonder treuzelen aanpakken. Gaat de timer af dan verliest het team van de speler die de tennisbal vast heeft. Laat een speler de bal vallen, dan verliest dat team direct.
  18. Verlachen: De teams staan tegenover elkaar. Elke team mag om de beurt een flauwe grap maken of een gekke bek trekken.(rijtje af gaan) Wie lacht is af. Het team dat al laatste een niet lachende speler heeft wint.
  19. Steen, papier schaar: elk teamlid speelt om de beurt een potje. Bij gelijk spel is zijn de volgende aan de beurt. Het team dat als eerste 5 punten heeft wint het spel.
  20. Blitzkrieg!!: Het aanvallende team wint direct, voor deze verovering wordt alleen geen punt toegekend.
leeftijden
  • 6 t/m 16 jaar
Type(s)
  • Behendigheid
  • Denkspel
Lokatie(s)
  • Binnen
  • Plein
  • Sportzaal
Benodigdheden
  • Dobbelstenen
  • Zie spellen
Bron: dotokamp.nl